| |
Verhalen spinnen lezen
Hieronder zie je het leesschema van Verhalen Spinnen. Elk blokje staat voor een hoofdstuk van een verhaal. Als je op een blokje klikt, verschijnt onder het leesschema dat hoofdstuk. Als een blokje nog grijs is, moet dat hoofdstuk nog geschreven worden. Om één verhaal te lezen, volg je de pijlen en de kleuren in het leesschema. Elk verhaal krijgt zijn eigen kleur. Je kunt het lezen of de video bekijken waarin de schrijvers hun hoofdstuk voorlezen.
Onderin het leesschema zie je bij elk verhaal open staan. Als je hierop klikt, krijg je alle hoofdstukken van dat verhaal op een rijtje te zien in een pdf-bestand. Je kunt dan het hele verhaal achter elkaar lezen. In het gekleurde schema, bovenaan elk hoofdstuk, zie je welke lijn er wordt gevolgd. Je kunt het hele verhaal ook uitprinten.
Video bekijken
Klik op de zwarte pijl om de video te starten. Op de video zie je de schrijvers hun hoofdstuk voorlezen. Aan het eind van deze video kun je doorklikken naar het vorige of volgende hoofdstuk of de video opnieuw bekijken.
|
|
|
| |
Verberg leesschema

De zoektocht naar Pelle - Hoofdstuk 3 - De pet en de schoolmeester
Video bekijken
Klik op de zwarte pijl om de video te starten. Op de video zie je de schrijvers of de leerlingen hun hoofdstuk voorlezen. Aan het eind van deze video kun je doorklikken naar het vorige of volgende hoofdstuk of de video opnieuw bekijken.
De dumpkids verdrongen elkaar rond de plek waar de kast had gestaan. Ze zagen een gat, een rond, zwart gat. Verder niets…
‘Sst! Ik hoor iets.’
Selier greep Pakjan bij zijn mouw.
Gespannen wachtten ze af. Er klonken voetstappen! En die kwamen dichterbij! Nu hun ogen wenden aan het zwart, zagen ze traptreden. Toen kwam een hoofd tevoorschijn. En nog een hoofd.
Verbaasd staarden de kinderen naar de twee, maar wat zagen ze er vreemd uit! De man had een snor en een baard, en droeg een ouderwets grijs pak, met een hoog wit boordje eronder. Het zag eruit of hij geen adem kon halen. De jongen droeg een vale wijde broek met bretels en een versleten blauwe bloes. En een pet.
‘Dit is zeker niet het jaar 1908?’ vroeg de grijze man.
‘Eh… nee,’ zei Pakjan. ‘Het is honderd jaar later.’
‘Komen jullie niet uit 700 voor Christus?’ vroeg Nonnebeet.
‘Natuurlijk!’ riep Pakjan uit. ‘Ze zijn omgewisseld, Pelle daar en zij hier!’
‘Ha ha,’ lachte Gras hem uit. ‘Deze lui zien er ook echt uit alsof ze uit de oertijd komen.'
De man wees op Nonnebeet.
‘Hij heeft wel gelijk. Er gaat wel vaker iets mis. Is iemand van jullie in het verleden afgedaald?’
Pakjan knikte. ‘Ja, maar we weten niet waarom.’
Nu vroegen de dumpkids van alles door elkaar.
‘Hoe weet u dat? Waar is hij dan? En wie zijn jullie eigenlijk?’
De man hief als een schoolmeester zijn handen op.
‘Kinderen, niet voor je beurt! Eén voor één, alsjeblieft!’
De jongen met de pet grijnsde.
‘Mijn meester is streng, hoor!’
Hij keek brutaal uit zijn ogen, alsof hij wilde zeggen: maar ik luister niet altijd naar hem.
De meester begon te vertellen:
‘Wij komen rechtstreeks van den Lagere School. Die Pelle van jullie is op zoek naar de beste tijd voor kinderen en ouders om met elkaar om te gaan. Hoe kunnen kinderen weer fatsoenlijke kinderen worden en ouders fatsoenlijke ouders die tijd en aandacht voor ze hebben? Pelle vond het antwoord niet in dat rare kastje dat jullie tegenwoordig gebruiken om dingen te zoeken, dus dook hij het verleden in.’
Selier hapte naar adem.
‘Hoe weet u dat allemaal?’
‘Als je heen en weer reist in de tijd, krijg je dat soort kennis mee,’ was het halve antwoord. ‘Maar zeg eens: wie zijn jullie?’
Pakjan zei: ‘Wij zijn de dumpkids. Wij zijn van de straat en de straat is van ons.’
‘Gaan jullie niet naar school?’ vroeg de meester bars.
‘Nee!’ De stem van Pakjan klonk trots en de jongen met de pet begon te stralen.
‘Maar dat moet,’ ging de schoolmeester verder. ‘Sinds acht jaar… Sinds 1900 moeten alle kinderen naar school. Of willen jullie aldoor werken… in die smerige fabrieken en zo.’
‘Wij werken niet in fabrieken, wij zijn lekker vrij,’ zei Pakjan.
‘Hoeft niet van onze ouders,’ voegde Blackburn eraan toe. ‘Die zijn te druk met andere dingen.’
De schoolmeester schudde zijn bebaarde kop.
‘Dit is helemaal fout!’
‘Valt mee, hoor,’ zei Engel. ‘Wij redden ons prima.’
De Pet grinnikte.
‘School is ook niet alles,’ mompelde hij.
Gras wees op het donkere gat.
‘Luister eens. Wij mochten van Pelle niet door de poort, maar hij wel. Dat is niet eerlijk.’
Pakjan maakte zich lang.
‘Wij gaan ook!’
‘Ja!’ zei Nonnebeet. ‘We moeten Pelle tegenhouden!’
‘Hier blijven!’ beval de meester streng.
‘Nee!’ riep De Pet. ‘Dat moeten jullie doen! Ga maar! Gauw!’
‘Ik verbied het!’ schreeuwde de meester. ‘Daar komen moeilijkheden van.’
Maar Pakjan stapte naar voren en Selier deed gauw hetzelfde.
‘Dan ga ik mee,’ zei ze.
Vanuit zijn ooghoek zag Pakjan dat de meester op hem afkwam. Zou die hem tegen willen houden? Hij pakte de hand van Selier en riep:
‘Kom! Snel!’
En ze begonnen te rennen, te rénnen, die eindeloze trap af…
|
De zoektocht naar Pelle Hoofdstuk 2

|
De zoektocht naar Pelle - Hoofdstuk 3 - De pet en de schoolmeester
Geschreven door Caja Cazemier
|
Klik hier voor leesschema
|
De zoektocht naar Pelle Hoofdstuk 4
|
|
|